Het modelleren van ziekteactiviteit in reumatoïde artritis patiënten met behulp van item response theorie.



Onderzoeker: Liseth Siemons


Achtergrond

De ziekteactiviteit die een patiënt ervaart is een belangrijke maat voor het bepalen van behandelingsstrategieën. Ziekteactiviteit is echter een heel breed begrip. Je kunt bijvoorbeeld denken aan het aantal pijnlijke of gezwollen gewrichten dat een patiënt heeft, maar ook aan ontstekingswaarden in het bloed, of aan de mate van vermoeidheid, ochtendstijfheid, fysiek functioneren en gewrichtsschade. In de praktijk is het vaak niet mogelijk om al deze variabelen te meten en dat zou ook een te grote belasting zijn voor zowel de patiënt als de reumatoloog. Er zijn al een heleboel instrumenten ontwikkeld om ziekteactiviteit te meten met behulp van een beperkt aantal van deze variabelen, maar al deze instrumenten hebben zo hun eigen beperkingen.

Doel onderzoek

Tijdens dit promotietraject wordt er onderzocht wat de belangrijkste voorspellers van ziekteactiviteit zijn en hoe ziekteactiviteit het best gemeten kan worden voor de behandeling van individuele patiënten en voor medisch onderzoek bij groepen patiënten.

Methoden:

Verschillende statistische methoden, waaronder item response theorie.

Eerste resultaten:

De Disease Activity Score met 28 gewrichten (de DAS-28) is een veelgebruikt instrument voor het bepalen van de ziekteactiviteit die een patiënt ervaart. Voor het berekenen van de DAS-28 score wordt onder andere van 28 gewrichten vastgelegd of de patiënt er pijn of zwelling aan ervaart. Gewrichten die hier echter niet in worden meegenomen zijn onder andere de voetgewrichten, terwijl patiënten toch vaak aangeven last te hebben van hun voeten. In dit eerste onderzoek wilden wij nagaan of de voetgewrichten, vanuit een meetperspectief, belangrijke informatie toevoegen aan de 28 gewrichten die in de DAS-28 worden gemeten. De resultaten lieten zien dat, hoewel bij veel patiënten ook één of meer voetgewrichten pijnlijk of gezwollen waren, deze informatie weinig toevoegde aan de meetprecisie en het meetbereik van de 28 gewrichten.

Conclusie:

De voetgewrichten voegen voor onderzoek onder groepen patiënten weinig extra informatie toe aan de bestaande instrumenten waarin 28 gewrichten zijn geïncludeerd. Het belang van de voetgewrichten voor individuele patiënten kan echter niet uit deze studie worden vastgesteld.

Praktische implementatie:

Het uiteindelijke doel is een meetinstrument samen te stellen waarmee de ziekteactiviteit die een patiënt ervaart zowel efficiënt als effectief kan worden gemeten.